Onder een lucht die nog natrilde van het truckersbal in Handel begon onze rit richting de Neerkant. De weg naar de start was al een avontuur op zich: laveren tussen imposante trucks die nog napraatten over de nacht ervoor. Maar eenmaal verzameld — met negen man sterk — konden we doen waar we voor kwamen: fietsen.
De route voerde ons via Elsendorp naar De Rips, waar we rechtsaf draaiden richting Milheeze. Het tempo zat er meteen goed in, mede dankzij onze onvermoeibare kopman die het grootste deel van de rit op kop sleurde alsof hij geen last kende van de wind. Via Ysselsteyn doken we de Peel in, op weg naar Helenaveen, waar het landschap zich openvouwde en de benen het werk mochten doen.
In Helenaveen namen we afscheid van onze eerste kopman. Na een heroïsche inspanning koos hij ervoor solo verder te gaan. De rest van de groep had andere prioriteiten: tijd voor koffie. En niet zomaar koffie — een dubbele, want die was goedkoper dan twee enkele. Wielrennen mag dan een dure hobby zijn, we blijven Nederlanders.
Na de pauze bleek de wind ons gunstig gezind. Met een duwtje in de rug ging de snelheid weer omhoog, en een nieuwe kopman stond op om het tempo te bepalen — bijna net zo fanatiek als zijn voorganger. De kilometers gleden onder ons door tot we Gemert bereikten, waar enkele renners afhaakten en huiswaarts keerden.
Maar de rit was nog niet helemaal voorbij. Vlak voor het bord van Handel waagde iemand nog een uitval voor een sprintje. Dapper, maar zonder reactie van de rest — misschien waren de benen leeg, of de koffie nog niet uitgewerkt.
Het was een prachtige rit: goed gezelschap, mooie wegen en een vleugje humor. Op naar de volgende week!